Wat is angst?
Angst is een van de belangrijkste emoties om te overleven. Zonder angst zou ieder mens en dier zich zomaar in elk gevaar storten. Maar als angst buitenproportioneel wordt, kan het voor veel problemen zorgen en de kwaliteit van leven flink verminderen.
Angstgedrag is erop gericht een bedreigende prikkel of situatie te vermijden. Dat kan betekenen dat de hond wil vluchten, maar afhankelijk van de situatie en eerdere ervaringen ook dat hij gaat dreigen, vechten of juist bevriezen. Het lichaam maakt zich klaar voor actie: de spijsvertering wordt stilgelegd, de hartslag gaat omhoog en er gaat zoveel mogelijk zuurstof naar de spieren. Op dat moment kan een hond dus niet goed leren.
Als de angst geen functie meer heeft, omdat de situatie objectief niet bedreigend is of de reactie niet in verhouding staat, spreken we van abnormale angst. Die is niet meer nuttig, maar een belemmering.
Hoe ontstaat angst?
Er is aangeboren (erfelijke) angst en later ontstane angst. Bij aangeboren angst is de kans groot dat die zich verder ontwikkelt als de begeleiding niet optimaal is. Later ontstane angst kan komen door negatieve of zelfs traumatische ervaringen: een aanval van een andere hond, alleen thuis zijn tijdens hevig onweer of een kind dat plotseling gillend langs rent.
Een belangrijke veroorzaker van stress en angst is onvoorspelbaarheid. Dat zie je bijvoorbeeld bij honden die regelmatig (fysiek) gecorrigeerd worden en niet begrijpen waarom. Goed corrigeren is zo moeilijk dat we het beter niet kunnen doen. Als liefdevolle baas bent u dé veilige haven voor uw hond.
Socialisatie en habituatie
Preventie van angst begint al bij de fokker: de keuze van de ouderdieren en de omgeving in de eerste acht weken zijn bepalend. Pups moeten gesocialiseerd worden, dus positieve ervaringen opdoen met mensen, kinderen, honden en katten. Daarnaast moeten ze habitueren: wennen aan voorwerpen, geluiden en situaties.
Alle honden hebben een aangeboren angst voor geluiden. Een pup die niet went aan alle huis-, tuin- en keukengeluiden, kan daar later bang voor worden.
Wat kunt u zelf doen?
Socialisatie en habituatie stoppen niet als de pup naar zijn nieuwe huis gaat. Onderneem dus genoeg met uw pup, maar gun hem ook voldoende slaap om alle prikkels te verwerken.
Kijk en luister altijd goed naar de signalen van uw hond. Deinst hij terug als iemand hem wil aaien? Respecteer die grens. Laat de persoon de hond eventueel iets lekkers geven zonder te aaien. Neemt de hond dat niet aan, vergroot dan de afstand tot het punt waarop hij zich weer veilig voelt. Vanaf net buiten die grens kunt u in kleine stapjes, met iets lekkers of spel, aan de angst werken.
Troosten moet!
Steun uw hond als hij bang is, door hem te aaien en geruststellend toe te spreken. Hoewel sommigen nog steeds beweren dat u een angstige hond moet negeren, bleek uit onderzoek al in 1967 en in 1998 dat aaien en troosten het stresshormoon cortisol laat dalen en de hartslag verlaagt.
Angstgedrag en angstemotie zijn twee verschillende dingen. Wilt u aan het gedrag werken, dan moet eerst de emotie veranderen. Het is dus helemaal niet erg als een hond steun komt zoeken bij zijn baas.
Therapie en alternatieven
Ontwikkelt een hond toch extreme angst, dan kunnen de meeste honden geholpen worden om weer normaal te functioneren. De eerste stap is dat de hond leert ontspannen en dat de eigenaar die signalen leert herkennen; massage is daarbij een prima methode. Naast gedragstherapie en training kan medicatie onderdeel zijn van de therapie, maar die heeft vaak zware bijwerkingen. Combineer medicatie daarom altijd met gedragstherapie, zodat u zo snel mogelijk kunt afbouwen.
Wij werken onder andere met Bach-bloesemremedies en andere natuurlijke rustgevende middelen die ondersteunend kunnen werken. Heeft u vragen over dit onderwerp? Stuur ons een mail of vraag het in de winkel.
Dieneke Lasschuit
Eigenaar Hond en Kat aan de Zaan. Gediplomeerd Bach-bloesemtherapeut, gedragstherapeut voor honden en katten.
Dit advies vervangt geen bezoek aan de dierenarts. Twijfelt u? Neem contact op met uw dierenarts.


